woensdag 25 februari 2015

Een koe in elke kliko

De hoeveelheid afval die een gemiddelde Nederlander in een jaar 'produceert' weegt dik 500 kilo. Even veel als een jongvolwassen koe. Onvoorstelbare getallen, als je er echt over nadenkt.

Onze maatschappij kent nog grotendeels een cultuur van take, make, waste. We nemen grondstoffen, maken er iets van en danken dat na gebruik weer af - waarbij de oorspronkelijke grondstof verloren gaat. Die aanpak leidt tot grote schade aan het milieu, omdat we steeds nieuwe grondstoffen moeten bemachtigen. Bovendien is zo'n 'lineaire' economie gruwelijk inefficiënt. Hoewel momenteel zo'n 80 procent van het Nederlands afval op een of andere manier wordt hergebruikt, blijven er nog steeds miljoenen tonnen afval over die geheel uit de cyclus verdwijnen.

Zelfs restjes groente kun je hergebruiken.
De Grote Droom? Een circulaire economie, waarin enkel producten bestaan die aan het eind van hun levensduur een andere nuttige toepassing krijgen of vergaan. Een streven dat overigens niet alleen milieuvoordelen biedt, maar ook betekent dat bedrijven flink kunnen besparen op hun kosten. Volgens dit TNO-rapport, opgesteld in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu, kan het Nederlandse bedrijfsleven jaarlijks miljarden extra verdienen als we snel overschakelen naar een circulaire economie.

Het bedrijfsleven is echter nog niet zo ver. Het fijne is: desondanks kún je ook nu al leven zonder afval. Er zijn mensen die dat hebben aangetoond. En gelukkig zijn er onder die pioniers een aantal die bloggen, om tips en ervaringen te delen.

Al lukt het in ons huis nog niet om afval geheel uit te bannen - vooral plastic verpakkingen blijken hardnekkig - hebben we de afvalberg wel verkleind.
Met veelal simpele maar effectieve maatregelen, zoals een 'ja/nee'-sticker bij de brievenbus. In plaats van wegwerpdoekjes gebruik ik nu meestal vochtige washandjes voor vieze peutergezichtjes. Recent kocht ik herbruikbare polyester groentezakjes, zodat we eindelijk af zijn van die (*piep*) zakjes voor groente en fruit in de supermarkt. En, een gadget voor groene nerds: op dezelfde site vond ik biologisch afbreekbare pennen.

Ik wen me bovendien steeds meer aan zaken niet weg te gooien, maar te hergebruiken. Op Pinterest wemelt het van de ideeën voor hergebruik of upcycling. Zo gaf ik deze winter niet toe aan de drang om waxinelichthouders te kopen, die me elk jaar rond Kerstmis overvalt. Ik maakte ze zelf, door glazen potjes en lege blikjes te pimpen. Het carnavalskostuum van mijn oudste - een dokterspakje - was drie weken geleden nog een afgedragen wit shirt van haar vader. Cadeautjes? Niet meer in cadeaupapier, maar in kranten, met stickers voor een vrolijk accent.

We hergebruiken ook voedselresten. Koffiedik blijkt bijvoorbeeld prima compost. Zelfs groente kun je recyclen. Op ons aanrecht groeien uit stompjes lente-ui, prei en losse steeltjes basilicum tegenwoordig nieuwe exemplaren, die we na een paar weken kunnen opeten.
En voor mensen met een wederhelft die daar geen veto over uitspreekt (hier wel dus): je kunt je gft-afval ook zelf thuis composteren.

Het lijken kleine stapjes - dat zijn het ook - maar alles bij elkaar maken ze zichtbaar verschil.

woensdag 4 februari 2015

De wasmachine wordt zuiniger - maar wij niet

Onze wasmachine gaf er vorige week, na vele jaren trouwe dienst, vastbesloten de brui aan.
Balen? Welnee. Ik stond juichend naast het apparaat: een kans om een energiezuinige opvolger aan te schaffen!

Een wasmachine is in een gemiddeld gezin goed voor zo'n 5 procent van het totale elektriciteitsverbruik (zie p. 7 van het gelinkte rapport), en daarmee een van de grootste verbruikers. Die energie is vooral nodig om het water te verwarmen waarmee we vlekken en nare geurtjes proberen weg te spoelen.

Een nieuwe machine is in de regel zuiniger dan apparaten die tien jaar geleden in de handel waren. Dit blog legt overigens op een toegankelijke manier uit hoe dat komt. Het energieverbruik van wat toen de zuinigste exemplaren waren, is inmiddels zo'n beetje het gemiddelde. En wasmachines met energielabel A+++ doen het nog een stuk beter.
(Overigens loont het de moeite ook binnen die categorie te vergelijken, want binnen de A+++-klasse bestaan grote verschillen in energieverbruik. Dat kun je zien aan het geschat jaarverbruik in kWh, dat gewoon op de nieuwe energielabels staat vermeld.)

Wasmachines worden dus steeds zuiniger: het elektriciteitsverbruik is sinds mijn eigen geboortejaar zo'n beetje gehalveerd.
Het slechte nieuws? Onze apparaten worden dan wel steeds efficiënter, de mensen die ze gebruiken maken die milieuwinst weer ongedaan.
Hoe slimmer onze wasmachines, des te 'slechter' ons wasgedrag. Nederlandse huishoudens zijn gemiddeld steeds vaker en inefficiënter gaan wassen. Zo laten we halfvolle trommels draaien en wassen we vaak heter dan nodig. Daarom is het de vraag of het totale energieverbruik voor de vaderlandse vuile was de afgelopen decennia niet juist is toegenomen (zie p. 14 in de link) - ondanks die zuiniger apparaten.

Tijdens mijn kleine studie naar zuinig wassen stuitte ik overigens op een eye-opener als het gaat om de ecostand, die veel machines hebben. Jaren gebruikte ik die stand zelf trouw. Wat blijkt: dat ecoprogramma kan er bij elke fabrikant anders uitzien, en is lang niet altijd de zuinigste optie.
Zelf koos ik bijna standaard voor de ecostand en 30 graden - tenminste, dat dácht ik. Pas vandaag ontdekte ik dat de ecostand bij mijn oude wasmachine automatisch een programma op 40 graden betekende. En die tien graden verschil, dat scheelt een kwart in het energieverbruik. Was je op 60 in plaats van 30 graden, dan verbruik je zelfs bijna dubbel zo veel elektriciteit.

De meest zuinige stand is volgens Milieu Centraal het katoenwasprogramma: die wordt dus de nieuwe favoriet. Hoewel ik altijd al probeerde de trommel zo vol mogelijk te stoppen voor ik de machine aanzette, zal ik daar nog beter op letten.
Onze eigen nieuwe aanwinst heeft overigens een grotere trommel. Dat betekent ook dat we minder wasjes hoeven te draaien, omdat er in één keer meer in past. Soms is bigger wel degelijk better.

(En o ja: als we het dan toch over wasmachines en energie hebben: kennen jullie deze fantastische TedX-talk?)

woensdag 21 januari 2015

Als voedselverspilling een land was

Als voedselverspilling een land was, was het na de Verenigde Staten en China de grootste vervuiler op aarde. En in die berekening is milieuschade die optreedt door veranderend grondgebruik - bossen en regenwouden die plaatsmaken voor akkers - niet eens meegenomen.

Al ons eten veroorzaakt uitstoot van broeikasgassen: in de productiefase, tijdens het transport, tijdens de bewerking en door bewaar- en verpakkingsmethodes. Voedselverspilling staat dus gelijk aan onnodige milieuschade. Elke kilo eten die je thuis weggooit, staat grofweg gelijk aan het verbruik van 1,3 liter benzine.

Hier aten ze dus geen hap van, die peuters.
De gemiddelde Nederlander mikt 14 procent van al het eten dat hij koopt later in de kliko. 'Echt afval', zoals schillen en pitten, niet eens mee gerekend. Prima eten, dat we zelf verkeerd bewaren, te laat opeten of gewoon niet lekker vinden. Goed voor gemiddeld 47 kilo verspild voedsel per Nederlander per jaar - omgerekend zo'n 150 euro aan boodschappen.
Alsof je een volle tank door de gootsteen giet.

Alle Nederlandse gezinnen samen gooien jaarlijks dus zo'n 800 miljoen kilo eten weg, of 2,5 miljard euro.
Daarvan zorgen vooral weggegooid vlees, zuivel, rijst en groente voor grote milieuschade, omdat die voedselcategorieën onderweg naar jouw bord voor de grootste uitstoot zorgen.

Bijna een derde van alle landbouwgrond op onze planeet wordt ingezet voor de productie van voedsel dat nooit wordt geconsumeerd. Als we op al die grond nieuwe bossen zouden aanplanten, zouden de bomen zoveel koolstofdioxide opnemen, dat het de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen in theorie kan compenseren.

Denk daar eens over na. Onze planeet hóeft niet in deze situatie te zitten, als wij maar met z'n allen besluiten een aantal dingen fundamenteel anders aan te pakken. Andere dingen te eten, bijvoorbeeld. Niet meer te nemen dan we echt nodig hebben. Minder weg te gooien, respectvoller met de beschikbare ruimte om te gaan.

Tips om minder voedsel te verspillen vind je onder andere hier, hier en hier. Originele recepten met kliekjes vind je op dit vrolijke blog.

Maar denk vooral ook zelf nog eens na over maatregelen om verspilling te voorkomen. Sommige gewoontes zie je na een tijdje gewoon over het hoofd.
Hier in huis is het bijvoorbeeld lastig 'op maat koken', met twee peuters. De ene dag eten die alles op, de volgende nemen ze geen hap. Tot een maand of vier geleden verdwenen al hun restjes in de prullenbak. Pas toen ik er op ging letten, realiseerde ik me hoe bizar dat eigenlijk is.

Nu gaat alles wat overblijft de volgende dag mee naar mijn werk, als lunch; dat betekent winst op alle fronten.
Voor het milieu, natuurlijk. Maar het scheelt per week ook ongeveer een half brood en bijbehorend beleg aan inkopen: op jaarbasis goed voor een aardig bedrag. Ik eet nu bovendien meer groente, omdat die 's middags in mijn lunchtrommel zit: gezond!
En het scheelt óók nog eens tijd, omdat ik op ongeveer de helft van de dagen geen boterhammen meer hoef te smeren.



maandag 12 januari 2015

Gasanalfabeten: dit interesseert je geen klap

Vóórdat ik met dit blog begon, dacht ik dat het ingewikkeld zou zijn om duurzamer en energiezuiniger te leven. Dat je alleen zorgvuldig met het milieu om kunt gaan als je bereid bent comfort in te leveren en keiharde knaken neer te tellen. Nou: niet dus.

Met verbazingwekkend weinig moeite is verbazingwekkend veel milieuvoordeel te behalen. Dat bleek overigens ook uit een vrolijk stemmend onderzoek dat de Universiteit van Cambridge een tijdje geleden publiceerde. Het rapport stelde dat we het energieverbruik wereldwijd met zo'n drie kwart (drie kwart! lees dat nog eens!) terug kunnen dringen door simpele, praktische maatregelen te nemen. Panden isoleren. Koken met de deksel op de pan. Dat werk.

Hoe je daar thuis de grootste slagen in maakt, zonder direct de portemonnee te trekken voor betere woningisolatie, HR++glas of zonneboilers? Zet de verwarming lager, of gebruik hem in ieder geval slimmer.

De verwarming van onze woningen is goed voor de helft, bijna zestig procent of zelfs bijna driekwart van ons gasverbruik, afhankelijk van wie je het vraagt. Dat veroorzaakt bijna een tiende van de CO2-uitstoot door een gemiddeld huishouden. En heeft dus ook een flink aandeel in de energierekeningen waar we zo graag over klagen.

Dat weten we zelf overigens niet, volgens onderzoek van de Universiteit van Tilburg. Het merendeel van de gezinnen heeft geen idee wat hun gasverbruik is, kost of wat het beïnvloedt. Een kwart van de onderzochte huishoudens liet de verwarming zelfs 's nachts door loeien. Eigenlijk zijn wij, volgens de onderzoekers, bijna allemaal een soort gasanalfabeten.

Zoals het onderzoek zelf het verwoordde: energy use does not seem to be on the mind of the average consumer. Oftewel: zijn gasverbruik interesseert de gemiddelde Nederlander geen klap.

Wie bereid is er af en toe tóch even over na te denken, kan daarmee ook zijn groene geweten sussen. Volgens de organisatie van de jaarlijkse Warme Truiendag scheelt elke graad dat je de verwarming lager zet, zes procent van je verwarmingsgerelateerde CO2-uitstoot.

Selectief verwarmen levert hier in huis een gasverbruik op van ongeveer de helft van het gemiddelde voor soortgelijke woningen en gezinnen. Als je het al niet voor het milieu wilt doen, zou de besparing in energiekosten het toch de moeite waard moeten maken.

zaterdag 3 januari 2015

Appeltje eitje

Nog op zoek naar een groen voornemen voor 2015? De makkelijkste, goedkoopste én meest effectieve manier om je carbon footprint te verkleinen: eet minder vlees (volledige rapport hier).

Net voor de jaarwisseling kwam een rapport uit van de Britse denktank Chatham House, dat nog eens op een rij zette wat anderen al eerder meldden. Als steeds meer mensen steeds meer vlees en zuivel gaan consumeren, hebben andere inspanningen om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen weinig zin.

De veehouderij draagt nu al zo'n 12 procent bij aan de totale uitstoot van broeikasgassen. Daarmee levert de mondiale vleesconsumptie een grotere bijdrage aan de klimaatverandering dan de hele transportsector.  De productie van vlees kost verhoudingsgewijs veel water, grond en grondstoffen. De broeikasgasuitstoot die gepaard gaat met de productie van één kilo rundvlees, staat gelijk aan dik 220 kilometer rijden in je auto.
En: dat aandeel van de vlees- en zuivelconsumptie in de uitstoot van broeikasgassen dreigt de komende decennia hard te stijgen. Want de wereldbevolking groeit rap, net als de vleesconsumptie per persoon. Daarmee zou de uitstoot die volgt uit de veehouderij in de aanloop naar 2050 met bijna tachtig procent (!) kunnen stijgen.

Dat is niet alleen slecht nieuws. Ja: als de vleesconsumptie zich inderdaad ontwikkelt volgens de huidige voorspellingen, hebben we een groot probleem.
Maar: als mensen gewoon kiezen voor een ander dieet - in essentie een eenvoudige en goedkope keuze - kunnen we zonder veel moeite een enorme slag maken in de strijd tegen klimaatverandering.

CE Delft zette in 2012 de milieuwinst in diverse scenario's op een rij. De uitkomsten van hun berekeningen zijn meer dan hoopgevend. Als Nederlanders hun vleesconsumptie zouden beperken tot een gezonde inname - een kleine 100 gram per dag en liefst mager vlees - vermindert de milieu-impact ten opzichte van het gemiddelde dieet al met ruim een derde.
Het halveren van je vleesconsumptie en voor de andere helft kiezen voor duurzamer vlees zoals kip: scheelt ruim de helft van die impact.
En wie geheel vegetarisch wordt, vermindert de carbon footprint die bij zijn voeding hoort met tot wel 84 procent.

Appeltje eitje, dus. Voor mij persoonlijk betekent dat, dat ik vanaf nu geen vlees meer eet bij ontbijt, lunch of in tussendoortjes. In overleg met mijn vriend - die geen vegetariër wil worden - heb ik afgesproken vier avondmaaltijden per week voor een vegetarisch recept te kiezen.

Wie inspiratie zoekt: het Forest Feast Kookboek is een lust voor oog en maag, maar bevat wel vooral bijgerechten en kleine gerechten. Wie op zoek is naar volledige en buitengewoon lekkere vegetarische maaltijden: het fantastische kookboek Veg! is zijn gewicht in goud waard.

maandag 8 december 2014

De boom lijkt altijd groener bij de buren

Voor het milieu zou het het beste zijn als we gewoon géén kerstboom kochten.

Want of je nou een kunst- of echte boom vol ballen hangt, alleen al het ritje naar het tuincentrum of de bomenboer zorgt voor vermijdbare CO2-uitstoot. Net als het treurige einde van je boom in de verbrandingsinstallatie of op een composthoop.

Maar als je dan tóch een boom wilt kopen, welke heeft dan de kleinste milieu-impact?

Volgens de meeste onderzoeken is een natuurlijke boom duurzamer. Dit artikel (wel verouderd, uit 1998) legt in detail uit wat je ook simpel kunt zeggen: het kost meer grondstoffen en energie om een kunstboom te maken. En die zorgt met al z'n kunststof en plastic ook voor meer uitstoot van schadelijke stoffen, als hij na een paar jaar wordt afgedankt.

Recenter is dit rapport, dat de milieu-effecten van kunstbomen en echte bomen op een aantal punten vergelijkt op basis van diverse studies. Het richt onder andere de aandacht op de voordelen die echte bomen opleveren vóór ze in onze huiskamer belanden: dat ze CO2 opnemen bijvoorbeeld, zuurstof produceren en een thuishaven bieden aan allerlei beestjes.
Nadeel aan dit rapport: een van de opdrachtgevers, degene ook die alles aan elkaar schreef, werkt wel erg veel voor de 'natuurlijkebomenbranche' zelf. Niet echt een onafhankelijk onderzoek dus.

Gelukkig kwam ik ook dit Canadese onderzoek tegen (je moet wel je mailadres in te vullen om het te kunnen downloaden), eerder al in begrijpelijke taal toegelicht in de New York Times. Al is dat niet eens echt nodig: de samenvatting van de onderzoekers zelf is helder (en de onderbouwing zéér uitgebreid). Als je een kunstboom zes jaar gebruikt, heeft hij een drie keer zo grote impact op klimaatverandering als de natuurlijke bomen die je in die zelfde zes jaar zou gebruiken. Pas als je een kunstkerstboom bijna twintig jaar houdt, is die qua CO2-uitstoot milieuvriendelijker dan een echte.

Wel een kanttekening: let er bij aanschaf van een natuurlijke boom op dat hij niet van al te ver is aangevoerd, want al dat transport zorgt uiteindelijk voor de grootste milieubelasting, zegt Milieu Centraal. Nieuwe lampjes kopen? Let dan op het energieverbruik.
Als je boom de deur uit gaat: zet hem met kluit in de tuin. Of, als je daar geen plek voor hebt: liever op de composthoop dan naar de kerstboomverbranding.

Dan zijn er nog wat losse dingen die je kunt doen om milieuvriendelijk kerst te vieren.
Zo kun je je eigen kerstversiering maken van natuurlijke materialen. Of dit idee voor een duurzaam kerstdiner eens bekijken.

woensdag 3 december 2014

Blijkt dat bleke pokke-papier ineens de norm

"Misschien was het een beetje een mode-artikel", zei de meneer van de boekhandel.

Zijn winkel was de zesde die ik bezocht, op zoek naar notitieblokken van gerecycled papier. Overal hetzelfde antwoord: "Dat verkopen we al een hele tijd niet meer."
Eén winkelier legde uit: "Vroeger hadden we er bewust voor gekozen zoiets in het assortiment te houden. Daar zijn het de tijden niet meer naar. De mensen willen niks dat duurder is dan bij de Action."

Vroeger. Dan moet hij de jaren negentig bedoelen, toen in vele winkels gerecyclede schriften lagen. Met van dat bruinige papier met spikkeltjes. Toen vond ik dat niet mooi en koos ik liever voor het spierwitte bleekpapier waar ik nu juist vanaf wil.
Wat blijkt: vindt de rest van de wereld dat pokke-papier ineens de norm.

Overigens is het verschil in milieubelasting tussen 'nieuw' en gerecycled papier volgens Milieu Centraal klein, als het gaat om energieverbruik tijdens de productie. (Al is er volgens de website Papierpraat.nl weer wél een groot verschil: die noemen cijfers van 1,7- 5,5 kWh energieverbruik voor elke kilo gerecycled papier en 5 tot ruim 10 kWh per kilo van zogenaamde 'virgin (nieuwe) vezels'.)

Voor de productie van hergebruikt papier is hoe dan ook minder water nodig, en je hoeft er ook geen extra bomen voor te kappen.

Een gemiddelde Nederlander verbruikt jaarlijks ruim 100 kilo papier. Dat zit in de kranten die we lezen, de notities die we maken, de verpakking van ons eten. Goed voor 1.800.000.000 kilo papier op jaarbasis, in ons land alleen. En da's nog maar de helft van ons Nederlands papier, want bedrijven en instellingen zijn goed voor nog eens dezelfde hoeveelheid.

Volgens Milieu Centraal betekent duurzaam met papier omgaan dan ook vooral: mínder papier gebruiken.
Dus komen er een paar nieuwe voornemens op het lijstje van mijn Keukentafelklimaattop. Ik zal proberen de rest van deze maand geen enkele print meer te maken, maar alles te lezen vanaf beeldschermen (die in elk geval op mijn werk toch al aan staan).
Ook beloof ik geen nieuwe boeken meer aan te schaffen, als er ook een tweedehands versie of bibliotheekboek beschikbaar is.

En verder ga ik toch lekker die gerecyclede blokjes bestellen.
Want online vond ik wél wat bruins met spikkeltjes. 
Hier bijvoorbeeld. En hier.